Samenvatting
Bij 3 patiënten, jongens van 4 en 3 jaar en een vrouw van 18 jaar, werd een groot centraal reuzencelgranuloom in de onderkaak gediagnosticeerd. Als alternatief voor mutilerende chirurgische behandeling werd gekozen voor calcitoninetherapie; bij patiënt B gebeurde dat toen deze 16 jaar was en zich inmiddels 5 recidieven na extirpatie van de tumor hadden voorgedaan. Na gemiddeld 14 maanden behandeling met subcutane injecties (zelfinjectie) of neusspray (patiënt A) waren alle patiënten vrij van recidief (gemiddelde follow-up 8 maanden). Biopsieën op de plaats van de vroegere afwijkingen lieten alle normaal matuur botweefsel zien. Bijwerkingen kwamen bij alle patiënten voor, vooral misselijkheid, braken en ‘flushes’. Behalve een lichte daling van de serumwaarden van procollageenpeptide type 1 en van parathormoon, en van hydroxyproline in de 24-uursurine (de daling bleef overigens binnen het referentiegebied), ontstonden gedurende de eerste 3 maanden van de therapie geen afwijkingen van de calcium- of botvariabelen in bloed en urine. Calcitoninrtoedienging is tot op heden een experimentele therapie bij grote of recidiverende centrale reuzencelgranulomen van de kaak, maar lijkt een veelbelovend alternatief voor chirurgische therapie.
Reacties