Samenvatting
Doel
Vaststellen of er sekseverschillen bestaan in het vóórkomen van zelfdoding bij artsen, en of er tussen mannelijke en vrouwelijke artsen verschillen bestaan in methoden van zelfdoding.
Opzet
Systematisch literatuuronderzoek.
Methode
Met behulp van de elektronische literatuurbestanden PubMed en PsycInfo werd naar literatuur gezocht. Na exclusie op basis van titel, abstract en ontbrekende gegevens resteerden er 9 studies, die alle voldeden aan vooraf opgestelde kwaliteitscriteria. De studies werden door 2 onderzoekers beoordeeld.
Resultaten
Onder mannelijke artsen kwam zelfdoding even vaak voor als in de gehele bevolking, of iets minder vaak. Vrouwelijke artsen pleegden, ook na correctie voor de leeftijd, vaker suïcide. Het in de bevolking bestaande genderverschil voor suïcide – suïcidepogingen slagen bij mannen vaker dan bij vrouwen – lijkt daarmee onder artsen kleiner te zijn, zo niet te bestaan. Mannelijke en vrouwelijke artsen gebruikten meestal medicijnen als middel voor zelfdoding, en deden dit dubbel zo vaak als mensen in de algemene populatie.
Conclusie
Vrouwelijke artsen hebben een groter risico op suïcide dan mannelijke. Wellicht neemt dit risico af nu zij steeds minder een minderheid vormen. Voor preventie zou men kunnen denken aan meer aandacht voor depressies bij artsen en aanstaande artsen, en aan een opener beroepscultuur waarin fouten minder scherp veroordeeld worden.
Ned Tijdschr Geneeskd. 2008;152:2177-81
Reacties