Onlangs publiceerden Caspi et al., onderzoekers van het Institute of Psychiatry in Londen, de resultaten van hun onderzoek naar genetische predispositie voor antisociaal en gewelddadig gedrag bij mishandelde kinderen.1 Niet alleen in de wetenschappelijke wereld, maar ook in de publieksmedia werd veel aandacht aan de bevindingen van dit onderzoek geschonken.2 Het onderzoek werd onmiddellijk uitgeroepen tot een mijlpaal in gedragsgenetisch onderzoek en een schoolvoorbeeld van gen-omgevinginteractie.3 Er was echter ook kritiek op de interpretatie van de bevindingen. In dit artikel beschrijven wij daarom de resultaten van dit onderzoek, om vervolgens sterke en zwakke kanten daarvan te bespreken. Tenslotte zullen wij de implicaties bediscussiëren.
Het onderzoek is gebaseerd op de ‘Dunedin multidisciplinary health and development study’, een vervolgonderzoek van 1037 kinderen, die allen in 1972 in een ziekenhuis in Nieuw-Zeeland waren geboren en die sindsdien om de 2 jaar uitgebreid medisch en psychologisch werden onderzocht. Het hier besproken…
Reacties